BEELDEN

Hout, doek en papier. Drie verschillende dragers. Drie verschillende opvattingen ten aanzien van het beeld. Hout voor het primitieve, papier voor het romantische en doek als een tussenfase. Hout voor de materie, papier voor de transparantie, zoals het op schrift stellen van ideeŽn, op doek een samengaan van beide tegenpolen. Beeldende werken waarin de ruimtelijke ordening centraal staat waarbij de dialoog tussen wording en zijn het spanningsveld vormt. Zoeken ook naar sporen vanuit het verleden, beeldende tekens naar de toekomst. Het ploegen van de boer naar het nieuwe leven als een metafoor voor mijn bestaan. De mens als opgenomen in het totaal van zijn omgeving, in volledige dialoog, daarmee zelf het landschap vormend.
1   -   2